

estilleren komt van destillare (Lat). Het betekent neerdruppelen. Het procédé om gedistilleerde dranken te maken is in de Middeleeuwen uitgevonden door de Arabieren en is verwant aan het maken van geurwaters. Bij distilleren worden door verdamping twee of meer stoffen (bijvoorbeeld alcohol) in dezelfde vloeistof gescheiden. Er bestaan verschillende soorten gedistilleerde dranken. Zo kennen we onder andere moutwijnen (whisky, oude jenever), eaux-de-vie, brandewijnen (cognac, brandy), eaux-de-vie de fruits (kirschwasser, calvados) en rietsuikermelassen (rum). Distillaat kan op twee verschillende wijzen worden gefabriceerd. Ten eerste de continu-distillatie, dat een sterk en puur distillaat oplevert, zoals wodka of gin. Deze manier is snel en relatief goedkoop. Ten tweede de keteldistillatie, een langzamere en duurdere methode, waar veel smaak- en reukstoffen in meegaan en die daardoor distillaten oplevert met een eigen smaak, zoals cognac.
glaswerk; parfum.
Het zijn de Hollanders geweest die aan de wieg hebben gestaan van een groot aantal distillaten, of die er in ieder geval voor gezorgd hebben dat de ‘gebrande’ dranken op grote schaal verspreid werden. Door gebrek aan goed drinkwater was brandewijn in de zestiende en zeventiende eeuw onmisbaar geworden op de vele zeereizen die de Hollanders maakten. Eerst werd een halffabrikaat naar Nederland verscheept, waar vervolgens het eindproduct werd gemaakt. Al snel begonnen de Hollanders dichter bij de bron, in de Cognacstreek, het eindproduct te maken. De fabricagetechniek werd door de lokale bevolking afgekeken en de drank cognac was geboren. In Spanje wordt de basis voor de fabricage van brandy gevormd door een distillaat dat men nog steeds holandas noemt.
Popularity: 2% [?]
Related posts:









